|
Lees hier de artikels die reeds over de tuin of over het boek verschenen zijn...
De Harde Gentse Het was de start van een zes jaar durend avontuur. Samen met enkele vrienden begon hij aan een speurtocht. In de omgang raakten ze al vlug bekend als de Drie Musketiers van de "Harde Gentse". Hun opdracht: terugvinden van wat er nog overbleef van deze groep azalea's, die in het begin van de 19e eeuw hun ontstaan kenden in en rond het Gentse. Elk jaar in mei ging het vriendentrio op stap naar talloze parken in binnen- en buitenland. Vorig jaar nog tot in het Arnold Arboretum van het Amerikaanse Boston. Altijd op zoek naar restanten van die azalea's. En resultaat hadden ze: 140 variëteiten Harde Gentse azalea's hebben ze teruggevonden. Over die zoektocht én de resultaten ervan gaat dit boek. En over de soorten waarmee al die kruisingen zijn gemaakt. Uit de meer dan 650 verschillende variëteiten behandelt de auteur een ruime selectie. Ook de tuinen waar de planten teruggevonden zijn, komen uitgebreid aan bod. Maar het is meer dan een tuinenboek: het brengt ook het verhaal van de kwekers die vorige eeuw deze groep van prachtige azalea's op de markt brachten. De auteur kon daarvoor op de medewerking rekenen van Sabine De Groote (lic. Kunstgeschiedenis). Ze nam o.m. de jaargangen 1800-1860 door van "De Gazette van Gent". Dat resulteerde in een heel pak interessante en vaak totaal nieuwe gegevens over hoe het allemaal begon. We kunnen gerust stellen dat er geen diepgaander werk over het onderwerp is gepubliceerd. Dit boek verschijnt in april 2000 - Prijs 1980 BEF. With extended summary in English. Folder van het boek "De Harde Gentse". Aspers privé-arboretum
met 550 soorten bomen en struiken Het bescheiden landhuis langs de Gentsebaan in Asper
waar Albert De Raedt, Gilberte Verhoye en hun dochter Anneleen verblijf
houden, laat niet vermoeden dat er achter dergelijke botanische weelde
bestaat. En toch. Achttien jaar geleden kocht De Raedt het voormalige
stuk landbouwgrond, ter grootte van zowat drie voetbalterreinen. Drie
jaar later startte de aanleg van wat nu een onvoorstelbaar mooie en rijke
tuin is naar het model van de Engelse landschapstuinen. Kringloop Azalea's Hadden wij vroeger toch maar van zo'n man biologieles gekregen. Tekst: Lieven Een tuin
als fulltime hobby Albert De Raedt heeft al z'n hele leven een grote belangstelling voor planten en bomen. Pas toen hij 18 jaar geleden in Asper neerstreek, begonnen de groene vingers echt te jeuken. "Ik kocht hier inderdaad een stuk landbouwgrond van 1,5 hectare, dus zowat drie voetbalvelden groot", vertelt hij. "Ik wenste een Engelse landschapstuin met een vijver en slingerende paadjes, gecombineerd met een verzameltuin. Het ontwerp en de uitvoering liet ik over aan tuinarchitect Luc Van Dijck. Na 17 jaar ziet u hier het resultaat." Na een flink uurtje wandelen met het zicht op 450 verschillende soorten bomen en struiken en nog eens 300 verschillende rododendrons en azalea's, kunnen we de man alleen maar met bewondering aankijken. Hoe is dit te onderhouden? "Mijn tuin is mijn fulltime hobby", vertelt Albert De Raedt. "Het grootste werk bestaat erin om alles in toom te houden. Dus moet er zeer regelmatig gesnoeid worden. Dit wordt allemaal gehakseld en vermengd met het gras van het gazon en uiteindelijk gecomposteerd. Het compost wordt na een tijdje weer de tuin ingevoerd. Dus creëer je op die manier een gesloten kringloop. Ook onkruid is een behoorlijke opgave. Gelukkig staan er tamelijk wat bodembedekkers." De grote trots van het arboretum zijn ongetwijfeld de tientallen verschillende soorten eiken, esdoorns, elzen, beuken en haagbeuken "Het is niet altijd zo gemakkelijk om voor een nieuwe plant nog een geschikt plekje te vinden," vertelt hij. "Soms moet je met spijt in het hart al eens iets weg doen. De laatste jaren leg ik mij bijvoorbeeld toe op het verzamelen van carpinus (haagbeuk), rododendrons en azalea's." Archieven "De tuin is echt op z'n mooist in mei", vertelt Albert De Raedt tot slot. "Dan is hier een heuse rijkdom aan bloemen. Ook tijdens de herfstperiode is het hier zeer aangenaam vertoeven met die specifieke herfstkleuren. Maar toch is er het hele jaar door wel ergens een bijzonder hoekje te vinden. Je moet er alleen de tijd voor nemen om er van te genieten." Tekst: S.D.G Bezoek aan
arboretum te Asper O golvend goed vol zoete schijn 't Was vanzelfsprekend daar zo stil © Gerard Vekeman Het arboretum
van Asper Albert houdt van planten en van bomen. Het is een band die gegroeid is sinds hij als welpje bij de scouts de eerste struiken leerde benoemen. Toch is hij pas echt met tuinieren begonnen toen hij als volwassene naar Asper verhuisde en de kans kreeg een weide te kopen, van wel drie voetbalterreinen groot. Op deze grond wou hij zijn droomtuin realiseren. Voor het tuinplan schakelde hij Luc Van Dijck, een bevriend tuinarchitect in. Die kende Alberts voorkeur voor Engelse landschapstuinen en wist vrij snel welke kant hij uitwou. Kort daarna werd de hele oppervlakte omgewoeld, en konden de aanplantingen beginnen. De Raedt besliste de tuin niet te laten effenen, en het reliëf dat door de graafwerken ontstaan was, te gebruiken. Eerst en vooral werd er werk gemaakt van de kanten. Hier werden dichte struiken aangeplant, die de tuin nu afschermen van de wind en zorgen voor een microklimaat. Daarna werden smalle paadjes getrokken tussen de verschillende niveaus, die de bezoeker van de ene tuinsfeer naar de andere moeten brengen. Want variëteit was van in het begin gepland. Zo is er bijvoorbeeld een moerastuin, met planten die houden van een vochtige omgeving, zoals de Kalimia. Hierachter ligt een kleine heuvel, waar op een open plek Erica, Calluna en andere heideplanten een plaatsje kregen. Kleine " holle " wegen, beplant met beuken, eiken, en allerlei geurende heesters en kruidige planten, voeren onder meer naar een schaduwtuin met camelia's en rododendrons. In een dieper gedeelte werd een vijver voorzien, met op het oppervlak zuurstofinbrengende planten, waaronder krabbescheer (een plant die fel woekert en dus in bedwang moet worden gehouden). Langsheen de vijver groeien bomen en struiken die houden van een vochtige grond en die de tuin in de herfst een heel bijzonder cachet geven. Als de prachtige herfstkleuren weerspiegeld worden in het wateroppervlak, lijkt het wel of je in Canada bent. Aan het einde van de tuinwandeling ligt een open grasveld, waar een mooie tulpenboom of Liridodendron pronkt. Seringen bloeien en geuren heerlijk in de vroege zomer en laagbloeiende heestertjes zorgen tot laat op het seizoen voor kleur. Daarmee sommen we maar een beperkt aantal plantensoorten op, want wie de tuin nu bezoekt, komt via kleine, smalle paadjes langs niet minder dan 375 verschillende bomen en struiken en 180 soorten rododendrons en azalea's. Genoeg, om je niet meer te kunnen voorstellen dat de tuin amper 15 jaar bestaat. De tuin lijkt ook veel groter dan de anderhalve hectare die hij in werkelijkheid is. Er werden zoveel gezellige hoekjes gecreëerd, dat het moeilijk is je te oriënteren wanneer je er de eerste keer komt. Wel vaker hoort De Raedt dat bezoekers het gevoel hebben dat ze verdwaald zijn. De tuin heeft ook een ecologische waarde: er leven veel vogelsoorten, die aangetrokken worden door de dichte begroeiing, het water is er visrijk en er heerst een rust die je nog zelden vindt. De Raedt maakt ook zelf compost van het snoeiafval, dat samen met het afgemaaide gras, de as uit de open haard en het keukenafval op een hoop komt. Het vormt een ideale voedingsbodem voor alle planten. Bij nieuwe beplantingen wordt het compost met de grond gemengd. Bij oudere beplantingen wordt het rond de plant geschept. Na verloop van tijd verteert het en bemest het de grond. Blikvangers Tekst overgenomen uit artikel Elga Rustica's
en Harde Gentse Huis een voortuin, langs de drukke weg van Gent naar Oudenaarde, waar gastheer Albert De Raedt woont, laten niet vermoeden dat hier een bijzonder rijke plantenverzameling wacht op de echte liefhebber. Meer dan twintig jaar geleden was het één van de zovele bouwpercelen die achteraan uitkeken op een of andere akker, in dit geval een maïsveld. En de boer, hij ploegde niet meer voort. Dé kans dus om in het bezit te komen van een 1,5 ha groot terrein, vlak en bewerkt. Samen met tuinarchitect Luc Van Dijck werden grootse plannen gesmeed, die in 1981 het onmogelijke mogelijk zouden maken: een landschappelijke tuin met smalle paadjes langs glooiende profielen met een select plantengezelschap dat een zeer natuurlijke sfeer uitstraalt; een beetje naar Engels model. Als liefhebber van houtachtige gewassen, als dendroloog, kon mijnheer Albert in zijn vrije tijd en later als gepensioneerde een voltijdse betrekking met zijn tuin onderhouden. Vooral kruisingen boeien hem. Wanneer beide ouders
en hun " kind " samen in de tuin kunnen verblijven op een vleugje
afstand van elkaar, dan is dat toch b(l)oeiend om zien. Zo staat dochter
" Merill ", een kruising tussen Magnolia kobus en M. stellata(Magnolia
x loebneri geheten), op het grasveld bij de veranda in maart te pronken
met witte juwelen. Wie vooral van het geslacht Rhododendron houdt, zal in deze open tuin zijn ogen niet kunnen sluiten. 300 verschillende rododendrons en azalea's staan verspreid langs de kronkelende, smalle wandelpaadjes, in de halfschaduw van grote broers. Vooral een uitgebreide collectie Harde Gentse en Rustica's, azalea's met een roemrijk verleden, hebben bij Albert De Raedt een bijzondere plaats ingenomen, in zijn tuin en in zijn hart. Na jarenlang opzoekingswerk staat nu alles chronologisch en plantkundig geregistreerd in een computerbestand, bijna klaar om te dienen voor de uitgave van een boek, dat er in 2000 aankomt: " De Harde Gentse ". Tekst : Jaak Smeulders
|
||||